Elke dag iets goeds doen dankzij een stripboek?

Niet eerder was ik zo verrast door een stripboek vol compassie. Laat je inspireren door de spiritualiteit van Suske en Wiske.
iedere dag iets goeds doen vanuit vriendschap

“De parel in de lotusbloem”, zei ik tegen mijn zoontje van zes. “Een bijzonder symbool om te vertellen dat je elke dag iets goeds kunt doen.” Ik kon het Tibetaanse schrift nauwelijks ontcijferen, maar door de Nederlandstalige versie die ernaast lag wist ik dat het klopte. De wijsheden kwamen deze keer niet van een zenboeddhist of oosterse filosoof. Nu werden we samen wijzer dankzij twee avontuurlijke stripfiguren die ontdekken wat vriendschap inhoudt: compassie volgens Suske en Wiske.

In het stripboek leerden mijn zoontje en ik waarom ‘iets goeds doen voor een ander’ gelukkig maakt.

Een paar dagen eerder schoof mijn zoontje een verhalenbundel van de Vlaamse striphelden onder mijn ogen: “Hebben we nog tijd voor een verhaaltje?” Zoals wel vaker deed hij zijn best om de bedtijd op te rekken, deze keer met succes. Ik pakte de verhalenbundel met vijf klassiekers erbij. Mijn oog viel op de titel ‘De parel in de lotusbloem’. Een boeddhistische boodschap verpakt in een stripalbum? Daar moest ik meer van weten.

Dit was niet zomaar een verhaal, maar een opdracht: iets goeds doen voor een ander.

De parel in de lotusbloem is namelijk het bekendste mantra uit het boeddhisme. In het Sanskriet en bij alle boeddhisten bekend als de woorden ‘Oh mani padme hum’. De spreuk zat vers in mijn geheugen omdat de Dalai Lama tijdens tijdens zijn 85-jarige feestje een wens had uitgesproken. Cadeaus hoefde hij niet. Hij vroeg iedereen de mantra Oh mani padme hum te reciteren. Waarom?

Vanuit de diepere betekenis ervan, compassie voor iedereen.

Jaren eerder was ik al geprikkeld door diezelfde woorden. Tijdens mijn reis door Tibet in 2009 was de mantra overal te vinden, bij ieder klooster, op alle heilige routes en bij elke stoepa. De woorden stonden op de muur of in stenen geverfd. Ook kocht ik een klein stenen exemplaar dat nog steeds op mijn schrijftafel ligt. Al kon ik er toen nog niet zoveel mee. Mijn spirituele ontwikkeling had meer tijd nodig.

compassie volgens het boeddhisme
Oh mani padme hum, de boeddhistische mantra

Mijn zoontje en ik deden ons best het mantra goed uit te spreken. Samen lezen uit dit filosofische stripverhaal maakte ons avondritueel extra waardevol. En spannend: plaatje na plaatje groeide de nieuwsgierigheid van mijn zoon. Tante Sidonia lag op sterven vanwege een zware depressie en Lambiek moest een reus verdedigen, boeiender werd het niet. In een paar avonden lazen we het boek uit. Met een prachtig einde: Sidona werd genezen dankzij de spirituele zoektocht van Suske en Wiske. Oh mani padme hum had iedereen tot een goede daad geïnspireerd en gaf invulling aan de onvoorwaardelijke vriendschap voor elkaar.

Hoe was zo’n bekende boeddhistische mantra in dit stripboek terecht gekomen?

Mijn zoontje was al vertrokken naar droomland, maar ik was wakkerder dan ooit en wilde er meer van weten. Te beginnen bij de Vlaamse striptekenaar Willy Vandersteen, in 1913 geboren in een arbeidersgezin, met een verleden als padvinder, bouwvakker en etaleur. Waarom had hij dit filosofische verhaal opgetekend? Dat moest een diepere betekenis hebben.

Ik werd niet teleurgesteld.

Mijn eerste verrassing: Niet de bekende Willy Vandersteen had de strip getekend, maar zijn opvolger Paul Geerts. Tijdens een reis naar Nepal raakte hij gefascineerd door de wereld van het boeddhisme en besloot er een stripboek van te maken. Zorgvuldig documenteerde hij plaatsen, verhalen en mensen om ze een jaar later perfect te portretteren. Ik had er tot dusver nooit bij stilgestaan dat sommige striptekenaars de hele wereld rondreizen om hun personages en verhalen waarheidsgetrouw neer te zetten.

Avond na avond, tot diep in de nacht, tekende Geerts zijn verhaal over vriendschap vanuit de oosterse filosofie.

Dit was niet zomaar een nummer in de Suske en Wiske reeks, maar een bijzonder, geheim project. De Parel in de lotusbloem was namelijk een geschenk van Paul voor Willy die met pensioen ging. Vanwege 23 jaar vriendschap had Paul dit eenmalige album getekend. In 1987 kreeg de bedenker van de populaire strip het album overhandigd door zijn opvolger in het populaire tv-programma In de Hoofdrol met Mies Bouwman. Vandersteen was de enige Belg ooit in het programma.

Willy Vandersteen ontvangt ‘De parel in de lotusbloem’ cadeau in 1987

Behalve het stripboek kreeg de bekende striptekenaar ook een witte sjaal, als symbool voor vriendschap en onsterfelijkheid. Deze werd overhandigd door Lama Ogyen (boeddhistische leraar) die lesgaf op het Belgische Tibetaanse instituut Yuenten Ling waar ik toevalligerwijs onlangs een retraite volgde. Dit instituut bleek tevens verantwoordelijk voor de Tibetaanse vertaling van het stripboek. Inmiddels ook deel van mijn verzameling bijzondere boeken.

De Parel in de lotusbloem was direct razend populair.

Geen vierhonderdduizend exemplaren, maar een veelvoud ervan ging over de toonbank. Aan het Stripjournaal vertelde Geerts in 2016: “Als je weet dat de eerste druk van dit album zeshonderdduizend exemplaren bedroeg… Het album werd pas verkocht vanaf de ochtend na die uitzending en er ontstond meteen een stormloop op het album door mensen die de avond voordien naar dat programma gekeken hadden. Een paar maanden later moest ik al een nieuwe cover tekenen voor de tweede druk, want alle exemplaren waren reeds uitverkocht.”

Terwijl ik me verder verdiepte in het werk van Geerts kreeg ik steeds meer bewondering voor zijn werk.

In totaal had hij zo’n 115 albums gemaakt, gemiddeld vier per jaar. En behalve tekeningen had hij mooie artikelen geschreven, schilderijen van uitheemse volken gemaakt en een kinderboekenreeks die zich ook afspeelt in Tibet.

Betekenisvol werk van Paul Geerts

Dat hij op zo’n prachtige wijze de wereld inkleurt, bleek het gevolg van zijn liefde voor verre reizen, iets dat na zijn Suske en Wiske carrière alleen maar was toegenomen. Misschien ook wel door zijn avontuurlijke kinderjaren als padvinder. De opdracht die hem daar werd gesteld is terug te vinden in al zijn creaties: ‘Doe elke dag iets goeds’.

De parel in de lotusbloem verhaalt op prachtige wijze over compassie en vriendschap.

Iedere dag iets goeds doen, om elkaar en de samenleving met het goede te verbinden. Net zolang totdat het niet meer voelt als een opgave, maar een manier van leven. Daarmee is de boodschap van het Tibetaanse Oh mani padme hum en dus van Suske en Wiske actueler dan ooit, omdat we niet alleen op deze aardbol leven.

Paul Geerts maakte het stripboek voor zijn ‘stripvader’ als blijk van waardering en uiting van vriendschap. Deze boodschap kon voortbestaan dankzij de vele uitgaven van De parel in de lotusbloem die volgden na de verschijning ervan. Nu, jaren later heb ik samen met mijn zoon op speelse wijze iets geleerd over compassie en de eenvoud van geluk.

En dat we kunnen groeien, door elke dag iets goeds te doen.

Na het leesavontuur ging onze verhalenbundel terug naar de bibliotheek. Op diezelfde dag zocht ik intensief naar een tweedehands exemplaar in het Nederlands én Tibetaans. Dan kon de boodschap van goed doen ook bij ons thuis blijven bestaan. Met succes. Inmiddels liggen de twee exemplaren van het stripboek in huis te schitteren.

iets goeds doen
De verschillende edities van Parel in de lotusbloem

Nog leuker dan het ontvangen ervan was trouwens het contact met de verkoper, een verzamelaar die er net zo gek op was als ik nu. Hij had dubbele exemplaren en verkocht ze daarom graag zodat ons gezin ook kon genieten van de schitterende tekeningen en de boodschap.

Elke dag iets goeds. Met dank aan de tekenaar, de lama en de verzamelaar die als geen ander begrepen hebben wat Oh mani padme hum inhoudt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *